Zondag 3 december jl. gaf collega en judo-auteur Yos Lotens gehoor aan zijn uitnodiging om als workshopleider zijn visie (in het JBN-bondscentrum) praktisch te etaleren omtrent de plaats van ‘Judo in het basisonderwijs’.

Alles is er!

Yos LotensVoor de binnenschoolse leerlijnen (judo tijdens de gymles) benadrukte Yos dat men niet op onze O-Soto-Gari zit te wachten, maar juist op het stoei-gedeelte met z’n pedagogische handvatten en rijke bron aan bewegingsvaardigheden die zo simpel zijn te organiseren en in te passen in het bewegingsonderwijs op school. Juist daar, op school, waar iedereen móet meedoen, is het van belang om drempelverlagend naar het judo toe te werken. ‘Als een kind plezier beleeft aan stoeien, gelijke kansen en veiligheid ervaart en durft te vallen, zijn de belangrijkste drempels om judo te beoefenen genomen en kunnen we judo-vuurtjes verder gaan aansteken en aanwakkeren’, aldus Yos.

 

Het kind in je wakker geschud

Yos startte het praktische deel met doordacht kindvriendelijke oefenvormen op de grond: ‘Veilig en iedereen is daar gelijk’. Maar ook in staande positie kwam hij met vormen die vooral een appél deden op aspecten als (geregisseerd) samenwerken, gedoseerd toewerken naar lichamelijk contact en het zelf kunnen starten en onderhouden van een spelvorm (Hoe kan het leuker, spannender worden gemaakt? Lukt het ook als je een beetje tegenwerkt? En als je écht tegenwerkt…? Wat jullie daarbij hebben afgesproken is bindend tot de nieuwe afspraak.). Om daarbij te komen van foppen (pech / geluk, gebruik van grote dobbelsteen) naar overwinnen, van samenwerken en verbeteren naar tegenwerken, van balans naar onbalans en om uiteindelijk slim(mer), snel(ler), sterk(er) te worden. De stroom aan fantasievormen schudde Yos met zijn blik op de klok op een ADHD-achtige sneltreinvaart en nog net niet voorzien van ondertiteling uit zijn mouwen, tot vermaak van de collega’s.

Yos behandelde op deze wijze onder andere de spelvormen:

  1. ‘Vastgeplakt’/’plakhanden’ – wennen aan tweezaamheid en lichamelijk contact, elkaar uit balans sturen en in balans terugbrengen, elkaar omversturen, overeind helpen en laten doorrollen naar een (vast-)houdgreepachtige bewegingsvorm.
  2. ‘Hebbes’/ ‘ballenroof’- om spelgevoel en werkhouding te tunen en te werken naar kantelvormen in ne-waza.
  3. ‘Kom op, sta op’ (met en zonder deken) – in tweetallen en meertallen werken naar het controleren met houdgrepen.
  4. ‘Mijn eiland’ – van 2-tal naar 2-tal tegen 2-tal, naar 4-tal, meertal en met een groep met een opstap naar staand stoeien.
  5. Slepen met dekens – (liggen, zitten, hurken, staand, 2 judoka in balans) in stroomvorm
  6. Trekken aan dekens – zelf een stoeispel maken aan de hand van een aangereikt kader.
  7. ‘Piraten pikken parels’ – met 2 teams werden alle attributen stoeiend van eigenaar verwisseld. Elk attribuut had een bepaalde waarde. Samenwerking, afspraken maken, snelheid en slimheid bleken hierbij zeker net zo belangrijk als kracht.
  8. Methodische opbouw ‘sumo’ (2 geknoopte judobanden = ring, 1 voet ernaast mag)
    · Lintje pluk (2 linten, linten dubbel, 1 lint, lint dubbel)
    · Handen aan broek houden
    · Met handen
    · Met tillen erbij

 

Als slot werden de groepsspelen Zitrugby en Piraten Pikken Parels gedifferentieerd behandeld en daarmee zoveel enthousiaste emoties losgemaakt, dat het inmiddels in menige dojo zijn vervolg zal hebben gehad. Een daverend applaus was voor Yos het bewijs dat zijn workshop aan de verwachtingen had voldaan.

{multithumb thumb_proportions=fill}mt_gallery: Judo in het basisonderwijs

Activiteiten

Geen evenementen

Leden voor Leden